Luister de podcast van dit interview ook op Spotify of lees de uitwerking in deze blog.
Het integreren van zelfregulerend leren in een onderwijsprogramma kent kansen en uitdagingen. Hoe kunnen opleidingen de overstap maken van een impliciete en incidentele benadering van zelfregulerend leren naar een leerlijn die écht onderdeel is van het curriculum?
In deze aflevering praten we hierover met Sylvia Heeneman, Sylvia Heeneman is hoogleraar Health profession education aan de faculteit Health, Medicine and Life Sciences (FHML) en de School of Health Profession Education (SHE) van de Universiteit Maastricht. En Judith Sieben, universitair hoofddocent aan hetzelfde onderwijsinstituut en dezelfde medische faculteit van de Universiteit Maastricht. Daarnaast is Judith als onderzoeker verbonden aan het SELFLEX-consortium.
1. Persoonlijke ervaringen
Hoe is je interesse voor zelfgereguleerd leren van studenten ontstaan?
Sylvia Heeneman: Mijn interesse in zelfgereguleerd leren is ontstaan uit zowel de praktijk als mijn onderzoeksinteresse. Ik zie hoe studenten door een curriculum navigeren en leren, en ik vind de relatie met toetsing bijzonder fascinerend. Zelfgereguleerd leren kan niet los worden gezien van toetsing, en juist die interactie tussen beide aspecten wekt mijn belangstelling.
Als student, hoe zelfgereguleerd leerde jij?
Judith Sieben: De vraag roept herinneringen op die even terughalen vergen. Ik denk dat ik zelfregulatie destijds redelijk goed deed, vaak op een naïeve manier zonder echt bewust te zijn van hoe en wat ik deed. In mijn werkzame leven merk ik dat zelfregulatievaardigheden nodig zijn, maar soms loop ik tegen grenzen aan, vooral als het drukker wordt. Het blijft moeilijk om die vaardigheden ook onder die omstandigheden vol te houden en er bewust mee bezig te zijn, zowel toen als nu.
2. Context
In 2022 is een nieuwe Engelstalige bacheloropleiding Geneeskunde gestart. Bij deze opleiding is zowel het curriculum als de onderwijsaanpak vernieuwd. Studenten werken nu een heel jaar lang in kleine leerteams van 10 studenten aan praktijktaken, begeleid door een coach. De studenten hebben zelf de regie over de planning, aanpak en werkvormen.
Judith Sieben: Ja, voorheen bepaalden wij als docenten de volgorde van casussen, wat vaak niet optimaal was voor iedere student. Studenten zagen de samenhang in de leerstof niet, ondanks verschillende herzieningen. Nu hebben studenten in kleine teams meer regie en flexibiliteit om zelf hun leerplan en aanpak te bepalen. Door verschillende werkvormen en een langere periode voor casuïstiek creëren studenten hun eigen logische samenhang, wat resulteert in een betere betrokkenheid van studenten, en meer variatie en minder sleur in onze aanpak van Probleem Gestuurd Onderwijs (PGO).
Jullie hebben ook het toetsingssysteem aangepast naar programmatisch toetsen, waarbij leer- en onderwijsactiviteiten gekoppeld zijn aan het verzamelen van informatie over de competentie en het niveau van de studenten. Studenten verzamelen voortgangsinformatie en feedback in een portfolio en maken zelfevaluatietoetsen om zichzelf te monitoren en bij te sturen. Daarbij worden ze intensief begeleid door een leerteamcoach.
Sylvia Heeneman: Ja, klopt helemaal. Wij hebben het curriculum aangepast naar programmatisch toetsen omdat we merkten -n.a.v. een zelfevaluatie- dat onze manier van toetsen niet goed aansloot bij probleemgestuurd onderwijs (PGO), waarin studenten zelf navigeren, leerdoelen maken en samenwerkend leren. Aan het einde van een blok maakten ze allemaal dezelfde toets. Dit leidde tot toetsgericht leren. Programmatisch toetsen integreert het verzamelen van voortgangsinformatie en feedback. Dit sluit beter aan bij PGO.
Wij hebben geleerd dat intensieve begeleiding essentieel is, vooral in herzieningen van het curriculum. Daarom hebben we vanaf het begin ingezet op begeleiding door leerteamcoaches. Studenten moeten leren omgaan met onzekerheden en leren zelfsturing ontwikkelen. In plaats van enkel door toetsen een soort ‘closure’ (ik heb het gehaald en kan verder) te zoeken, gebruiken ze nu het systeem van toetsen als voortgangsinformatie en feedback om hun leren zelf te reguleren.
3. Het ontwikkelen van vaardigheden in zelfgereguleerd leren als leerlijn binnen het curriculum
Zijn zelfregulatievaardigheden noodzakelijk om als student door zo’n leeromgeving te navigeren?
Judith Sieben: Ja, wij hebben het curriculum zo ontworpen dat studenten zelfregulatievaardigheden nodig hebben om te navigeren. Tegelijkertijd hebben we ook gedacht aan het omgekeerde: de leeromgeving moet voldoende ruimte bieden voor zelfregulatie. Als alles te strikt is, valt er weinig te regelen voor de studenten. We hebben nagedacht over hoe we met leeractiviteiten, bronnen, en toetsing ruimte kunnen maken voor zelfregulatie en hoe we deze vaardigheden daarin kunnen integreren.
Waarom is het zo belangrijk dat studenten zelfgereguleerd kunnen leren binnen het onderwijs?
Sylvia Heeneman: Wij vinden het essentieel dat studenten zelfgereguleerd leren, omdat dit hen voorbereidt op hun toekomstige werkveld waar ze zelf beslissingen moeten nemen over hun leerproces. In de geneeskunde helpt dit hen bij de overgang van bachelor naar master, waar ze als co-assistent in een hectische omgeving werken en veel feedback ontvangen. Zelfregulatievaardigheden maken het mogelijk om effectief te navigeren en continu te verbeteren op basis van deze feedback.
Hoe hebben jullie zelfgereguleerd leren verweven in jullie opleiding? En aan welke zelfregulatievaardigheden besteden jullie aandacht binnen de opleiding?
Judith Sieben: Wij hebben zelfgereguleerd leren verweven in onze opleiding door te werken met portfolio’s, die een cyclus van evaluatie, zelfreflectie en het maken van leerdoelen omvatten. We besteden expliciet aandacht aan reflectie en de voorbereidingsfase. Andere aspecten, zoals de uitvoeringsfase, worden besproken in één-op-één contact tussen studenten en coaches, waarbij individuele leerwegen en tempo’s centraal staan. Hoewel we zelfregulatievaardigheden zoals emotieregulatie en zelfmotivatie herkennen als essentieel, zijn dit impliciete aspecten die in de toekomst nog verdere aandacht en specifieke tools of interventies vereisen.
Welke zelfregulatievaardigheden krijgen de meeste aandacht binnen het curriculum?
Judith Sieben: Ten eerste, zelfevaluatie. We stimuleren studenten om regelmatig feedback en informatie te verzamelen en hun eigen voortgang systematisch te evalueren. Ze krijgen expliciete opdrachten om naar het grotere geheel te kijken, patronen te herkennen, en te bepalen wat goed gaat en waar ze nog aan moeten werken. Ten tweede, werken met eigen leerdoelen. Naast de vakinhoudelijke leerdoelen moedigen we studenten aan om hun eigen leerdoelen te formuleren, wat hen helpt te groeien in andere competenties dan alleen kennis. Hoewel dit soms moeilijk is, ondersteunen we hen hierin met specifieke trainingen en interventies, zoals het Study Smart programma, dat zich richt op de uitvoeringsfase van hun leerproces.
Wij leggen in het begin van de opleiding meer nadruk op studievaardigheden, zoals het Study Smart programma. Gedurende de opleiding verspreiden we workshops over feedback geven en ontvangen, en elkaar aanspreken op gedrag. Daarnaast werken we aan de ontwikkeling van een toolbox om zowel coaches als studenten te ondersteunen in aspecten van de leercyclus.
Hoe gaat de toolbox eruitzien die jullie aan het ontwikkelen zijn?
Judith Sieben: Wij ontwikkelen een toolbox als onderdeel van een Comenius project. Deze toolbox bevat gespreks-tools voor gesprekken tussen studenten en coaches over studievoortgang, evenals tools voor het verkennen van taken. De toolbox is bruikbaar voor individuele studenten en teams, en faciliteert co-regulatie waarbij studenten elkaar ondersteunen. De producten en het verslag zullen aan het einde van dit kalenderjaar beschikbaar worden gemaakt via de Comenius website en de NRO Kennisbank.
Hoe besteden jullie aandacht aan het monitoren door studenten?
Sylvia Heeneman: Wij werken met competentieraamwerk, het zogenaamde “Raamplan Artsopleiding”, waar alle faculteiten Geneeskunde aan moeten voldoen. Hierin staan duidelijke eindtermen voor elke competentie. Dit framework omvat zelfanalyse, motivatie en leiderschap als belangrijke vaardigheden een dokter. In het curriculum integreren we deze eindtermen en evalueren we studenten continu, met nadruk op feedback, leerdoelen en het verzamelen van voortgangsinformatie in een portfolio. Studenten krijgen tussentijdse adviezen en aan het einde van elk jaar moeten ze een overkoepelende analyse schrijven, gebaseerd op hun verzamelde bewijs en beargumenteren ze hoe ze aan de vereiste eindtermen voldoen. Dit wordt vervolgens beoordeeld door een besliscommissie.
Wie geven aan studenten feedback?
Sylvia Heeneman: Wij geven feedback aan studenten via specifieke docenten die hen door het jaar heen observeren zoals skills docenten en patiëntcommunicatie docenten. Studenten krijgen ook feedback van hun coach over het leerteamproces, en werken aan opdrachten waarbij ze elkaar feedback geven. Dit is ingebed in ons toetsing- en feedbackprogramma. Deze verschillende paren ogen zorgen voor betrouwbare en veelzijdige feedback, die zowel voor de student (tussentijds bijsturen van het leerproces) als voor beslissingen gebruikt wordt.
Welke expliciete leerlijndoelen of periodedoelen hebben jullie geformuleerd voor zelfregulatievaardigheden?
Judith Sieben: Wij hebben expliciete leerdoelen geformuleerd voor zelfregulatievaardigheden binnen onze longitudinale leerlijn voor professionele en persoonlijke ontwikkeling. Bijvoorbeeld: studenten moeten in staat zijn op basis van feedback een eigen leerdoel te formuleren, tijdig hulp te zoeken wanneer ze ergens zelf niet uitkomen, en zich bewust zijn van het belang van deze vaardigheden voor lifelong learning in hun toekomstige professionele carrière.
Hoe leren jullie studenten goede leerdoelen te formuleren?
Judith Sieben: Wij leren studenten goede leerdoelen formuleren door hen te laten sparren en spiegelen met een coach, en door hen te leren doelen SMART te formuleren. We bieden instructies en voorbeelden in het portfolio systeem en de toolbox en oefenen dit tijdens workshops. Coaches geven feedback op de formulering en buddy sessies tussen tweede- en eerstejaarsstudenten versterken het proces. Het is belangrijk dat studenten ervaren dat goed geformuleerde leerdoelen helpen en dat er follow-up gesprekken plaatsvinden om de voortgang te bespreken zodat het geen papieren exercitie blijft. Zelfregulerend leren gebeurt in samenwerking met anderen en door herhaling en oefening.
Hoe arbeidsintenties is deze vorm van onderwijs?
Judith Sieben: Ja, deze vorm van onderwijs is arbeidsintensief, en daar hebben wij bewust in geïnvesteerd. In ons vorige curriculum hadden we tutoren en mentoren, en de docententijd die daarvoor werd gebruikt, hebben we omgezet in de rol van coaches. Dit komt neer op een coachlrol ongeveer één dag per week beslaat, wat goed planbaar is en minder fragmentatie in onderwijsrollen en docentinzet oplevert. Deze substantiële rol en commitment maken de begeleiding duidelijk en georganiseerd. Dit is onderdeel van een weloverwogen besluit in ons curriculum om effectieve begeleiding te bieden en een docentengemeenschap te creëren. Het is een echter niet duurder dan in ons vorige curriculum; het is een kwestie van keuzes maken hoe en waarvoor je docenttijd inzet.
Vanuit het toetsing perspectief hebben wij keuzes gemaakt om onze tijd te besteden aan het maken van toetsen om van te leren en het geven van feedback, in plaats van aan het construeren, uitvoeren en nakijken van een heel systeem van summatieve toetsen. We hebben hetzelfde budget als voor het vorige curriculum, maar we gebruiken de middelen nu anders om meer nadruk te leggen op begeleiding en leerprocessen.
Hoe lang heeft het geduurd om tot de herziening van deze bacheloropleiding te komen?
Judith Sieben: Wij zijn in 2018 begonnen met het nadenken over de herziening van deze bacheloropleiding. Ondanks enige vertraging door COVID, zijn we in 2022 gestart met het eerste cohort. We beschouwen de eerste jaargangen met iteraties als onderdeel van onze leerweg naar de definitieve uitkomsten van dit curriculum.
4. De rol van de docent
Welke vaardigheden vraagt het van docenten om studenten te ondersteunen en begeleiden bij hun leerproces?
Judith Sieben: Wij hebben docenten nodig die goed geschoold en getraind zijn in mentoring en coaching, en die ervaring hebben met PGO en groepsdynamieken. De rol van de docent als coach is complex en uitdagend, en vereist verschillende vaardigheden:
- Curriculum expert: Docenten moeten het curriculum goed kennen om studenten effectief te begeleiden naar leerdoelen.
- Leercoach: De focus ligt meer op het begeleiden van leerprocessen dan op inhoudelijke kennis, met coaches van diverse achtergronden.
- Teamspeler: Coaches moeten samen als community werken, elkaar helpen en intervisie uitvoeren.
- Student Alliance: Een sterke, ondersteunende relatie tussen coach en student, vergelijkbaar met een therapeutische alliantie in de geneeskunde.
Deze vaardigheden maken de rol uitdagend, maar ook zeer voldoening gevend.
Hoe bereiden jullie docenten voor op deze rol en hoe ondersteunen jullie hen bij het ontwikkelen van deze competenties?
Judith Sieben: Wij bereiden docenten voor op hun rol door een intensief trainingsprogramma aan te bieden vóór de start van het studiejaar. Gedurende het jaar ondersteunen wij hen met wekelijkse werkoverleggen, intervisiesessies, en just-in-time informatie en instructies. Dit helpt hen bij het ontwikkelen van de benodigde competenties en biedt ruimte voor gedachtewisseling, scholing, en het bespreken van moeilijke situaties. Op deze manier bouwen we gezamenlijke expertise op.
Hoe ervaren docenten deze nieuwe rol en hoe pakken ze deze rol op?
Judith Sieben: Ik ben onder de indruk van hoe docenten deze nieuwe rol hebben opgepakt, ondanks de complexiteit. Veel docenten hebben al ervaring met PGO, tutoring en mentoring, wat een goede basis biedt. Docenten benaderen de rollen verschillend: sommigen focussen meer op het relationele aspect, anderen op het groepsproces, curriculum of portfolio.
Het leren van elkaar en het benoemen van verschillende expertises wordt gewaardeerd. Hoewel het uitdagend en ‘work in progress’ is om studenten te leren leren, vinden docenten het steeds leuker en zien zij deze rol als een lange termijn commitment. Na drie jaargangen zijn alle coaches nog steeds enthousiast en toegewijd aan deze rol.
5. De rol van de student
Judith Sieben: Wij hebben uitvoerig geëvalueerd hoe studenten deze nieuwe aanpak ervaren, via focusgroepen en programma-evaluaties. Studenten waarderen het sterk dat ze een eigen coach hebben met wie ze elke twee tot drie weken praten, en ze waarderen de leerteams die een heel jaar samenblijven, hoewel dit soms ook uitdagingen biedt door wrijving en groepsdynamiek. Daarnaast voelen veel studenten onzekerheid over of ze wel het juiste en genoeg leren, en of ze aan de maat zijn. Hoewel deze onzekerheid altijd al bestond, is dit nu explicieter vanwege het wegvallen van “de toets” die voorheen (schijn)zekerheid of duidelijkheid gaf. Wij begeleiden hen hierin, en hoewel sommigen snel leren omgaan met deze onzekerheid, blijft het bij anderen hoog zitten. Hierdoor bereiden wij hen beter voor op het omgaan met onzekerheid in hun toekomstige carrière.
6. Onderzoek: SELFLEX-consortium
Judith, jij bent lid van het SELFLEX-consortium en bent onder andere als begeleider betrokken bij het promotietraject van Sina Gottschlich. Jullie hebben recentelijk een eerste onderzoek uitgevoerd onder bachelorstudenten in het nieuwe curriculum van de geneeskunde opleiding en jullie hebben gekeken naar welke zelfregulatievaardigheden studenten laten zien binnen de nieuwe context, leeromgeving en begeleiding. Wat is jullie opgevallen?
Judith Sieben: Wij hebben het eerste onderzoek onder bachelorstudenten uitgevoerd en geanalyseerd wat de portfolio’s onthullen over zelfregulatievaardigheden. Studenten zijn veel bezig met leerdoelen, het nadenken over de taak en zelfanalyse, maar we zien minder concrete aanwijzingen voor taakstrategieën (hoe ga ik met de inhoud te werk, timemanagement en planning). Uit interviews blijkt dat studenten vaak onzeker zijn over hun leerproces en hoe ze zichzelf kunnen motiveren in een systeem als dit. Hoewel het systeem meer autonomie zou moeten bieden, blijft de stip op de horizon voor sommigen moeilijk te overzien. We willen interventies ontwikkelen om studenten te helpen met onzekerheid en zelfmotivatie, waarbij ook de kracht van student-samenwerking (coregulatie) benut wordt.
7. Toekomst
Als een andere opleiding 1 verandering in het onderwijs zou kunnen doorvoeren om het belang van zelfgereguleerd leren verder te benadrukken en te ondersteunen, welke verandering zou dat dan volgens jou, Sylvia, als eerste moeten zijn?
Sylvia Heeneman: Volgens mij zou de belangrijkste verandering zijn om de integratie van zelfgereguleerd leren te starten bij de interne leerdoelen. Formuleer duidelijke eindtermen en leerdoelen die zelfregulatie benadrukken en integreer deze in alle onderdelen van het onderwijs zoals curriculum design en leeractiviteiten. Daarnaast moet je ervoor zorgen dat de toetsing studenten niet aanzet tot toetsgericht leren, maar juist ondersteunt in hun zelfregulatievaardigheden.
En voor jou, Judith, wat zou een opleiding het beste als eerste kunnen aanpakken?
Judith Sieben: Om zelfregulatie te stimuleren moeten we studenten flexibiliteit en verantwoordelijkheid geven in een minder strikte leeromgeving. Dit kan soms eng zijn voor zowel studenten als docenten, maar is essentieel voor hun ontwikkeling. Het is belangrijk dat we stap voor stap werken aan een feedbackcultuur en groeimindset, weg van toetsgericht afrekenen, om zelfgereguleerd leren te bevorderen.
8. Belangrijkste inzichten
- Begin met het formuleren van duidelijke leerdoelen die zelfregulatie benadrukken en zorg ervoor dat deze in alle onderdelen van het onderwijs, zoals curriculum design, leeractiviteiten en toetsing worden geïntegreerd (constructive alignment).
- Geef studenten flexibiliteit en verantwoordelijkheid in een minder strikte leeromgeving. Dit helpt hen navigeren en bevordert zelfregulatie.
- Werk stap voor stap aan een feedbackcultuur en groeimindset. Vermijd toetsgericht afrekenen en focus op voortdurende ontwikkeling en zelfsturing.
- Leer studenten goede leerdoelen te formuleren volgens het SMART framework.
- Moedig studenten aan om regelmatig feedback en informatie te verzamelen en hun eigen voortgang systematisch te evalueren.
- Gebruik portfolio’s waarin studenten hun voortgang vastleggen, zelfreflectie uitvoeren en leerdoelen formuleren.
- Zorg voor intensieve begeleiding door leerteamcoaches die studenten ondersteunen bij hun leerproces, professionele groei en het ontwikkelen van zelfsturing.
- Leg bij docenten meer nadruk op het begeleiden van leerprocessen dan op inhoudelijke kennis. Coaches kunnen een diverse achtergrond hebben.
- Organiseer een trainingsprogramma, wekelijkse werkoverleggen en intervisiesessies voor docenten. Dit helpt bij het ontwikkelen van de benodigde competenties en biedt ruimte voor gedachtewisseling, scholing, en het bespreken van moeilijke situaties.

